De kleine wereld van
Jeroen Sprenger

Herinneringen aan Fok Bierlaagh (1949-2025)


Fok Bierlaagh (1949-2025) foto uit familiearchief

Het moet september 1968 zijn geweest dat we elkaar voor het eerst hebben ontmoet. Precies weet ik het niet meer, maar het was in de roerige periode dat overal ter wereld, Parijs, Berlijn, Mexico en ook in Amsterdam, aan de eeuwenoude autoritaire academische structuren werd getrokken.
Vielen we elkaar op in de collegezalen van de Oudemanhuispoort? Of in de vergaderruimte van AVSV-sociëteit De Blauwe Bok op de Raamgracht, waar de studievereniging Machiavelli herhaaldelijk vergaderde om de ene bestuurscrisis na de andere tot een oplossing te brengen?
Aanvankelijk waren we met meer dan  100 eerstejaars. Maar docent Lucas van der Land had al voorspeld: “Kijk goed om je heen, met Kerstmis is meer dan tweederde verdwenen”. “Maar” – priemend wijzend op niemand in het bijzonder – “jij niet!”
Kennelijk hebben we ons dat ter harte genomen, wij waren er nog, toen in februari 1969 de affaire-Den Hollander begon. Ik zal iedereen hier vandaag de details besparen, maar waarschijnlijk hebben we ons gemeld om mee te werken aan een extra nummer van Discorsi, het blad van de subfaculteit politicologie, waarmee een jarenlange samenwerking en vriendschap is begonnen.
Wij kwamen beide uit verschillende richtingen bij politicologie in Amsterdam terecht. Fok van een gymnasium-opleiding in ’t Gooi, ik vanuit een HBS-b-opleiding in Utrecht, maar wel beiden uit een Rooms nest. Jij koos echter voor de roomse studentenvereniging Thomas op de Herengracht, H88, ik voor het niet meer roomse Akhnaton op de Oudezijds Voorburgwal.
Onafhankelijk van elkaar volgden we de roerige ontwikkelingen aan de universiteit, hetgeen ertoe leidde dat Fok in het weekend van 16 mei 1969 betrokken was bij de eerste bezetting van het Maagdenhuis. Zelf bracht ik dat weekend thuis bij mijn ouders door, vanwege de vernieuwing van de doopbeloften door mijn jongste broer.
Binnen Discorsi volgden we ook ieder een eigen pad. Ik versloeg tal van universitaire bijeenkomsten, jij bracht wat Gooise studentenhumor binnen. Een op de situatie bij politicologie toegesneden ganzenbordspel, bijvoorbeeld. En een recensie van een nieuwe politicologische studie van een professor Susan Blalock met als titel zoiets als A Government that Worked Better and Cost Less. Fok zette daarmee menigeen op het verkeerde been, zonder daarvoor ChatGPT of Artificial Intelligense nodig te hebben.
De scripties geschiedenis voor het kandidaatsexamen die we in 1972 schreven bevestigden onze eigen richting. Ik deed iets over een vooraanstaand katholieke vakbondsman, jij nam de ontstaansgeschiedenis van de faculteit der politieke en sociale wetenschappen voor je rekening. De titel verraadde al je schrijftalent: Het zwevende begin van de zevende faculteit. De oprichting in 1948 en de benoemingen van de eerste hoogleraren waren doortrokken van de eerste anti-communistische golf. Jef Suys – ten onrechte verdacht van communistische sympathieën - mocht van de Amsterdamse gemeenteraad niet benoemd worden. De overduidelijke PvdA-partijman, directeur van de Wiardi Beckmann Stichting, Jan Barents wel.
Tijdens het schrijven van onze scripties troffen we elkaar vaak op de UB aan het Singel en gingen we daarna bij café De Zwart op het Spui, tegenover het Maagdenhuis, een afzakkertje halen. Om daarna een wandeling te maken naar de mensa van H88, waar Fok als lid van Thomas kind aan huis was. In die periode vatten we het plan op om de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 1972, als we het kandidaats hadden gehaald, van nabij mee te maken.
Hij verdiende wat geld als manager van de H88 sleep-in, ik als redacteur van Folia Civitatis.  Het idee was snel geboren, de planning was wat ingewikkelder. Uiteindelijk kwamen we erop dat we de week voorafgaande aan de verkiezingen, van 1 tot en met 7 november, met elkaar zouden optrekken in New York. De weken daarvoor zou Fok per Greyhoundbus door Amerika reizen, langs adressen die hij had verzameld van Amerikaanse gasten van zijn sleep-in. Ik ging eind oktober eerst naar de broer van een andere studievriend, die in Schenectady woonde, upstate New York. En zou na de verkiezingen nog een week of vier zelfstandig naar het westen trekken.
Spannend was de ontmoeting op 30 oktober in New York, vier uur ’s middags voor Hotel Waldorf Astoria, op Park Avenue. Even ter opfrissing van ieders geheugen, 1972, mobiele telefoons bestonden nog niet, we kenden elkaars reisprogramma niet… Ik stond vanaf half vier, kwart voor vier, te ijsberen, zou hij komen, op tijd of verlaat? Tot mijn opluchting verscheen om vier uur een gele taxi voor het hotel waar hij uitstapte. Het was een pak van mij hart…
Die week verbleven wij in een Youth Hostel, dat volhing met waarschuwingen om vooral niet de deur open te doen als er werd gebeld. Iedereen had een sleutel en anders mocht alleen de manager de deur open doen. Want het zou niet de eerste keer zijn dat een bewoner op de stoep van zijn eigen woning zou worden aangevallen.
De tweede of derde nacht wordt er laat indringend en langdurig gebeld. We overlegden met elkaar, wijzend op alle waarschuwingen. Maar uiteindelijk kon Fok het niet langer aanhoren en ging de deur open doen. De manager stooft meer bang dan woedend naar binnen. We moesten de volgende dag allemaal weg, niet alleen wij maar ook de andere gasten. Later, toen hij wat tot bedaren was gekomen en we hem hadden gewezen op alle waarschuwingen in de hal en de gangen, mochten we ons verblijf tot en met de verkiezingsdag voortzetten.
Samen hebben we toen door New York getrokken, alle bezienswaardigheden bezocht, zoals de Twin Towers, en in het bijzonder allerlei verkiezingsbijeenkomsten bijwoonden in de aula’s van verschillende universiteitsgebouwen, waar we onafhankelijke presidentskandidaten als Angela Davis en Benjamin Spock hebben gezien en gehoord. Ook zijn we op een massabijeenkomst geweest van de Democraten op Times Square met Teddy Kennedy. De uitslag was teleurstellend, Richard Nixon won by a landslide, hoewel de contouren van het Watergateschandaal al duidelijk zichtbaar waren.
Negen augustus 1974 werd een korte studiedag. Toen het aftreden van Nixon wereldwijd bekend werd, liepen we snel van de UB naar De Zwart. Daar mocht op gedronken worden. En moest het verloop en het vervolg van de verkiezingen nog even goed worden geëvalueerd.

Larense loopbaan

Voor zover ik me herinner richtte Fok zich daarna op een Larense carrière. Op de relatie met Tineke  -
een bevallige doctors assistente / uit het wonder schone Drenthe / begonnen tussen Terschellingse tenten, dichtten Ids Haagsma en ik op de trouwdag - werd steeds hechter. Hij ging in Laren wonen en werd actief in de PvdA. Ongeveer in diezelfde periode bereidde hij zich voor op het leraarschap. Hij behoorde tot de eerste generatie studenten van de opleiding Vakdidactiek Maatschappijleer. Tot die tijd werd het vak gedoceerd door theologen, geschiedenisleraren en bestuurskundigen. Een politicoloog kon overal terecht maar had tot dan niet echt een beroepspersectief. De subfaculteit politicologie wilde daar een einde aan maken. Willem Langeveld en Ingrid Mortiers namen in de eerste jaren die opleiding voor hun rekening.
De politiek stond hier echter niet echt op te wachten, net als de ouders van de middelbare schoolleerlingen. In het bijzonder de leermethode om klassikaal kritisch kranten door te nemen, werd gelaakt. De leerlingen zouden aan de drugs worden gebracht, tot seks worden aangemoedigd en in ieder geval geïndoctrineerd in linkse politiek. Wie in de kranten van de afgelopen dagen de berichtgeving heeft gevolgd over “lentekriebels” – of in algemene zin in de media berichten over influencers weet dat de huidige generatie leraren maatschappijleer nog steeds met dit soort weerstanden heeft te maken. Tot op de dag van vandaag.
Fok was een echte Laarder. Dat heeft zijn loopbaan binnen de Larense PvdA zeker bevorderd. Vader de bakker van het Zevenend, moeder van de makelaarsfamilie Ten Kroode, een oom als rechter, een andere oom als redacteur van De Groene, Fok wist informatie van hoog tot laag, vanuit een breed netwerk, bij elkaar te brengen. En hij had ook de ambitie om het tot lijsttrekker te brengen. Dat is gelukt, maar om wethouder te kunnen worden moest hij samenwerken met de PPR in Progressief Laren. Uiteindelijk is hem dat in 1990 gelukt.
Al die jaren had hij de ambitie om een doorbraak te bewerkstelligen van de bebouwing van het Sint Jansterrein en “het gat van Hamdorff”, opgaven die al jaren tot zijn ergernis dood voor de kast lagen. Daarin is hij geslaagd.
In de jaren daarna legde hij het accent weer op zijn onderwijsactiviteiten. Ik heb er geen benul van hoeveel leerlingen hij in de klas heeft gehad, maar in de loop der jaren kwam ik steeds meer oud-leerlingen van hem tegen. Mijn opvolger bij Financiën was een leerling van hem, drie weken geleden trouwde een nichtje van me met “de zingende dokter” die ook al een oud-leerling blijkt te zijn. En dan heb ik het maar niet over de kinderen van bekende Nederlanders. Als we het samen over enkele van hen spraken, zei hij niet zelden vol trots: ik zie ze nog zo in de klas zitten…
Een ander aspect waar hij trots op was, was dat hij “feilloos” – het is zijn term -  van internet overgeschreven scripties kon herkennen. Het is jammer dat hij met dit talent de strijd met Chat GPT en AI niet meer aan kan gaan…
Naast zijn drukke werkzaamheden had Fok hobbies die de spaarzame vrije tijd extra vulden. Op de middelbare school deed hij aan schermen, later heeft hij menige marathon gelopen. Ook vissen, liefst op snoek, deed hij graag. Het is jammer dat dat – mede vanwege de gezondheid – er de laatste jaren bij in is geschoten. Maar tijd voor de Larense kermis had hij tot op het laatst.
Onze bijna halfjaarlijkse bezoeken aan De Zwart met een maaltijd bij Haesje Claes zijn echter al lang verleden tijd. Juist in deze verwarrende geopolitieke tijden hebben we onze gesprekken gemist.
Het jaar 1968 was roerig. In ons beroep en in onze directe omgeving – jij in het onderwijs en in Laren, ik in vakbeweging en rijksoverheid en in Amsterdam-Zuidoost – hebben we geprobeerd de idealen van 1968 in democratisch opzicht en in berbetring van de kwaliteit van openbaar bestuur invulling te geven.
Het jaar 2025 is wereldwijd nog turbulenter. Tal van onderwerpen zouden onze aandacht hebben gehad. Zouden we hoop hebben gepeurd uit onze ervaringen met het Watergateschandaal? Gaat  de huidige Bully in the Oval Office ook anderhalf jaar na zijn grote verkiezingsoverwinning struikelen, nu over Signal-gate? En gaan progressieve partijen – net als ooit Progressief Laren – de krachten bundelen in plaats van volstrekt onnodig elkaar om de verkeerde redenen de maat te nemen? Zodat er een stevig beweging kan ontstaan tegenover rechts, autoritair en rancuneus beleid en politiek onbenul. Ik denk dat Fok en ik het wel zouden weten…
Jeroen Sprenger
Deze herinneringen zijn uitgesproken tijdens de uitvaartdienst op 28 maart 2025